Afbeelding

Aan de praat met die plaat

Het formuleren van de strategie van ROC Rivor was in het verleden een proces dat eens in de vier jaar plaatsvond. Het strategisch plan, inclusief missie, visie en doelstellingen, was veelal het resultaat van de managementmeerdaagse “op de hei”. Een korte ronde door het ROC met een nog kortere toelichting van de te behalen prestaties (KPI’s) rondde dit proces af. Voor vier jaar werd hier dan strak op gestuurd. De realiteit was echter, en is, dat het veelal te dikke strategisch plan in de la verdween, iedereen door ging met waar zij of hij mee bezig was en voor de vorm rapporteerde op de KPI’s. Op deze wijze hielden we het systeem in stand.

Jammer
Erg jammer om drie redenen:

  • De werkelijkheid en waarop gestuurd wordt, lopen steeds verder uiteen.
  • De denkkracht en creativiteit van de eigen professionals wordt niet of nauwelijks benut.
  • De omgeving verandert steeds sneller, dat vraagt om een veel flexibeler en kort cyclisch proces.

Koers bepalen
Een koers bepalen zou eigenlijk veel beter passen, die beschrijft immers een richting die wordt ingeslagen. Geen vaststaand eindpunt in de toekomst, geen stip op de horizon. Misschien is strategieformulering wel nostalgie aan het worden, wie zal het zeggen?

Schot in de roos
Afgelopen jaar hebben we dat proces binnen ROC Rivor anders aangepakt. Veel mensen binnen en buiten ROC Rivor hebben bij de start van het proces input geleverd die mede bepalend is geworden voor een prachtig eindresultaat. Het Koersplan in de vorm van een klein handzaam boekje met de titel “Samen op weg” is dan ook een schot in de roos.

Kleur bekennen
Veel ingebrachte ideeën, suggesties en gedachten pasten echter niet in zo’n boekje. Na diverse pogingen om tot een ordening van het materiaal te komen is een prachtige praatplaat ontwikkeld. Deze bevat de belangrijkste gemeenschappelijke onderwerpen en geeft aan al die aparte, bijzondere en specifieke zaken een plek. Daarin is het voor iedereen en elke doelgroep mogelijk eigen verbindingen te maken tussen de verschillende elementen op basis van eigen overwegingen en gedachtegangen. Iedereen mag dus “kleur bekennen”. Het geeft de mogelijkheid om een praatje te maken over het plaatje, onverwachte combinaties te maken en samen te zoeken naar antwoorden op vragen naar de verbinding tussen arbeidsmarkt en onderwijs. Zo geven we met elkaar richting aan de koers en passen deze waar nodig – tussentijds – aan.

Praatje maken
Heb je ook zin om een praatje te maken over ons prachtige mbo-onderwijs? Zorg dan dat je erbij bent en bekijk nu Het Koersplan en de video met toelichting op de praatplaat.

We zijn erg benieuwd naar je reactie!

Aside

Een brug heeft twee oevers nodig

Afgelopen januari verscheen het boek “Samenscholing geboden. Innovatieve visies op onderwijs en arbeidsmarkt”. Een initiatief van Provincie Gelderland, Oost NL, de gezamenlijke mbo’s en de Open Innovation Academy. Het is een praktisch visieboek over onderwijs, arbeidsmarkt en de koppeling daartussen. Het biedt een scala aan invalshoeken vanuit visionairs en experts. In totaal werkten hier 45 mensen aan mee. Ook Cees Brouwer werd voor het boek geïnterviewd. Dit artikel werd naar aanleiding van het interview in het boek geplaatst.


Als voorzitter van het college van bestuur van ROC Rivor is Cees Brouwer een groot voorvechter van vernieuwing van onderwijs. In zijn rol als bestuurder legt hij veel verbindingen om te komen tot samenwerking en actie. Zijn doctoraatsonderzoek heeft veel impact gehad op zijn manier van kijken naar management, interactie en co-creatie.

“Ik zit regelmatig aan bestuurlijke tafels te praten over de onderwijs- en arbeidsmarkt. De dominantie – het denken in dezelfde patronen – heeft de neiging om zichzelf in stand te houden. Ik mis hierbij de aansluiting met de snelle veranderingen in de dagelijkse praktijk. Men zegt van mij dat ik ‘niet-cultuur-bevestigend’ ben en mij niet aan de systeemafspraken houd. Sinds mijn onderzoek realiseer ik me dat ik andere uitgangspunten gebruik en daarmee – inderdaad – in een heel ándere cultuur zit. In mijn bestuurdersrol is het zaak de afstand tussen deze werelden te overbruggen. Een brug heeft altijd de houvast van twee oevers nodig. Om de werelden echt te verbinden moet je vaak, heel vaak oversteken, de praktijk het onderwijs in brengen en omgekeerd. De boodschap moet aan de andere oever gehoord (willen) worden, anders is de dominantie gedoemd het lot van de uitstervende dinosaurus te volgen. Tot die categorie wil en hoeft het mbo natuurlijk niet te behoren, alhoewel ik nu te vaak wel dat gevoel krijg.”

Chef vogel
“Mijn promotieonderzoek richtte zich op de chaos- en complexiteitstheorie, toegepast op management. Bekende natuurkundige wetmatigheden pasten wij in onze onderzoeksgroep toe op organisaties. Wij weten veel van ordening van moleculen, maar hoe werkt dat bij een  zwerm vogels? Zit er structuur in de chaos, die wij niet snappen? Er is geen ‘chef vogel’, geen organisatiestructuur, maar hoe werkt dat dan? Waarom tekenen wij ‘harkjes’ van onze organisaties en doen alsof dat de organisatie is? In het wetenschappelijk verleden (Kant versus Descartes en eerder Aristoteles tegenover Plato) is er met de verklaring van veel natuurkundige verschijnselen een sterke voorkeur gekomen voor het rationaliseren van zaken in de maatschappij.”

Vakkenvullen
“De dominantie van die rationaliteit is er ook in het onderwijs. Als collegelid bij de Open Universiteit (OU) stelde ik mezelf de vraag: ‘Hoe kun je nu leidinggeven aan de OU – waar mensen een tweede kans tot leren krijgen – terwijl dat bekostigd wordt zoals het initieel onderwijs?’ Hoe kun je leren en werken en gezinsleven nu combineren op dezelfde manier als wanneer je voltijds met een studie bezig kunt zijn als je jong bent? Voor ons was ‘Leven Lang Leren’ het leren – met modulair onderwijs – in je eigen tijd en tempo. Je mocht daar bij wijze van spreken tien jaar over doen. Maar we werden gemeten zoals het initieel onderwijs waar je nominaal in drie of vier jaar over een studie doet, en daaraan gekoppeld de financiering. Het diplomarendement en de verblijfsduur werden de dominante rationele ‘dashboard’ parameters waarop de OU beoordeeld werd. Weg bij de bedoeling dat mensen zichzelf, passend bij hun situatie, ontwikkelen en eigenlijk losgeslagen van het oorspronkelijke basisprincipe. Dat lijkt meer op vakkenvullen, spreadsheetmanagement, dan op het ontwikkelen van menselijk talent.”

Productieband
“Dat eenzijdig sturen bestaat nog steeds, ook vanuit het Ministerie, ook voor het MBO én het Leven Lang Ontwikkelen. Als je geen diplomarendement van x% hebt, dan doe je iets niet goed, ongeacht de kwaliteit van de groep studenten die binnenkomt, ongeacht de kennis uit de vooropleiding of de sociale context waarin veel jongelui zich (onvrijwillig) bevinden. Ieder jaar komen er een paar honderd nieuwe studenten binnen, ieder jaar dus andere. Hoe kun je nu afspraken maken over hun slagingspercentage? Wat als je een slechte lichting hebt, of een goede? Vergelijk het met de gemiddelde behandelduur van patiënten. Voor elke patiënt staat 9,8 behandelingen (op zich al bijzonder, want hoe doe je een 0,8 behandeling?), omdat dat het gemiddelde is van 100.000 patiënten. Maar hoeveel zitten er precies óp het gemiddelde? Inderdaad, bijna niemand. Laat de professional bepalen wat nodig is. Ben je met 8 behandelingen klaar? Prima! Moeten het er 16 zijn? Ook goed! Waarom statistieken? Maak het (weer) menselijk. Waarom van onderwijs een leerlingen-productieband maken? ROC Rivor beproeft blended maatwerkprogramma’s met ‘eigen tijd-eigen tempo’, met een veel hoger slagingspercentage (en ja; minder bekostiging).”

Met stip
“Ik hoor managers vaak zeggen: ‘We zetten een stip op de horizon en daar werken we naartoe’. Raar eigenlijk, want ‘hoeveel mensen passen er op die stip?’ Misschien op elkaars schouders met twee of drie, maar met 300 werkt dat niet. Geef een richting aan, een gebied op de horizon, maar laat mensen de manier kiezen die hen het beste past. Mensen willen best veranderen, maar niet veranderd worden. De dingen die we meemaken kunnen we namelijk alleen maar projecteren op wat we zelf weten. Onze uitgangspunten, waarden en beliefs bepalen hoe we interacteren. En in die interactie leren we betekenis geven aan wat er gebeurt en dat bepaalt ons volgend handelen.”

Uniciteit
“Eén van de belangrijkere functies van het onderwijs is: jezelf mogen worden. Met de consequentie dat anderen om je heen dat óók mogen. We moeten veel meer rekening houden met pluriformiteit, dat mensen kleur mogen bekennen en mogen worden wie ze zijn. In een ogenschijnlijke chaos van kleuren zit de harmonie en (altijd vaste!) ordening van de regenboog. Zo schikken ze zich naar elkaar. Een andere functie van het onderwijs is socialisatie. We zeggen nu in het onderwijs: ‘jij moet dit en jij moet dat en rekenen veel op individuele prestatie af’. Daarna gaan ze de maatschappij in en moeten ze opeens gaan samenwerken. Maar niemand heeft op z’n diploma ‘samenwerken’ staan. En waarom geven we geen les in luisteren?”

Frontaal
“Onze medewerkers, onze studenten en onze bedrijfsmedewerkers zijn eigenlijk ‘docerenden, lerenden en werkenden’ tegelijk, soms in de ene rol, soms de andere. De wereld komt de school binnen, maar ook de mens. In een leerwerkomgeving komen zij bij elkaar, op school, of op een bedrijfslocatie. Alleen ‘frontaal lesgeven’ is niet meer van deze tijd. De 21e-eeuwse vaardigheden zijn ongelukkig hyperig gekozen, de vaardigheden zijn eeuwenoud. De echte handicap is de technologie (iPads en telefoons) die in de communicatie zit. Overigens is de snelle ontwikkeling van technologie de identiteitscrisis voor veel mensen van hogere leeftijd. ‘Moet ik nu met een appje geld overmaken? Kan ik niet meer naar de balie van de bank?’ Moet je nagaan, dan ben je 80 geworden en raak je uitgesloten van de wereld om je heen. Als wij als regionaal opleidingscentrum fungeren, hoe kun je dan in Den Haag bedenken, dat we er alleen maar voor 16- tot 21-jarigen zijn? Wij kunnen, nee moeten er voor iedereen zijn!”

Volgerschap
“In ons management gaan we er nog van uit dat als de leider iets roept, dat mensen dat ook gaan doen. In een modern jasje heet dat participerend leiderschap, mooier nog dienend leiderschap, maar leiderschap zal ‘t wezen. En passend in het dominante paradigma van het systeemdenken. Maar leiderschap is iets wat je gegund wordt en het is pas relevant wanneer er gevólgd wordt. Hier past toch enige nederigheid. Waarom niet spreken over volgerschap? En van de partij zijn in wederzijdse interacties. Dat klinkt dubbelop, maar dat is het niet. In de interactie krijg je je rol op basis van je bijdrage, je toegevoegde waarde (niet je functie), ongeacht wie er tegenover je zit.

In het mbo leer je uit de praktijk, niet uit heel dikke boeken. Een prachtig voorbeeld is het middeleeuwse ‘meester-gezel’-model. Hoe leren wij het beste? Deels door samen te doen, deels uit een boekje en deels door af te kijken! En passen we dat toe bij een examen? Nee niet echt; als je afkijkt dan word je eruit gestuurd!

Scenario-schrijven
“Wij maken in het onderwijs strategieplannen voor vier jaar en daar houden we ons aan, anders wordt er ‘afgerekend’. Kijk nu eens vier jaar terug: banenstops en geen stageplaatsen tijdens een kredietcrisis en sinds twee jaar een enorme hausse in de vraag omdat de economie aantrekt. Geen woord, laat staan een scenario, in het strategieplan, maar ‘We gaan ons er wel aan houden, hè?’ Waarom moet zo’n strak, rationeel plan voorschrijven hoe professionals zich moeten gedragen? Een richting en een koers meegeven is prima. Het draait om kwalitatief goed onderwijs, met aandacht voor de ambitie van de deelnemer. Wat we gaan doen en waartoe, dat moet passen op twee A4-tjes. Als dat niet lukt, dan is er iets grondig mis.”

Excelleren op alle niveaus
“Het algemene idee van opleiden is: iemand komt binnen met kennis, kunde en capaciteit en als hij of zij weggaat, dan hebben we daar méér van gemaakt. Ook op niveau 1 en 2 kun je excelleren, maar dit past niet in het competitieve systeemdenken. Geen onderscheid en klasse-justitie: een excellentieprogramma is voor alle niveaus. Dat krijgen we in het Haagse denken niet voor elkaar. Hoezo kan er maar één de beste zijn? Dan organiseer je toch meerdere competities? Geef individueel aandacht aan iemands ambitie. Om die reden zijn (en blijven) wij een klein instituut met een persoonlijke aanpak. Lekker dicht bij de bedoeling van onderwijs blijven: eruit halen wat er in zit, een leven lang!”

Afbeelding

Over vakmanschap gesproken!

Toen ik ruim een jaar geleden mijn kamer als bestuurder in gebruik nam, bleek al snel dat de aanwezige vergadertafel niet genoeg plaats bood aan het voltallige managementteam of alle leden van de Raad van Toezicht. Nogal onhandig, want daardoor moest er noodgedwongen (te) veel een beroep worden gedaan op andere schaarse ruimte in ons gebouw. De kantoormeubelencatalogi bevatten mooie spullen, echter de hoge prijzen stonden mij erg tegen. Onze publieke inkomsten horen immers zoveel als mogelijk bij het onderwijs thuis.

Een tafel als symbool voor Rivierenland
vergadertafel1
In mijn introductieprogramma had ik op diverse plaatsen binnen het ROC vakmensen aan het werk gezien en het idee om de vergadertafel in eigen huis te laten maken was daarom snel geboren. Een techniekdocent kwam al snel met een fraai ontwerp. Geïnspireerd door de rivieren lagen er schetsen voor een ovale tafel waar met gemak twaalf mensen aan konden vergaderen. Het idee kreeg verder vorm: een stalen onderstel waarbij de lastechniek zichtbaar zou blijven, een tafelblad met meerdere uitvoeringen van houtverbindingen en glas als symbool voor Rivierenland. Ik moet eerlijk bekennen dat ik vanaf het eerste moment erg enthousiast was. De schetsen waren vastgelegd in een schetsboek, iedere bezoeker kreeg deze schetsen te zien en natuurlijk een trots verhaal over ‘ons’ vakmanschap.

Ambitieus en uitdagend ontwerp
De tijd vorderde en de uitwerking bleek nog niet zo eenvoudig. Sommige onderdelen van het idee bleken niet haalbaar, zoals het eerste onderstel van staal en de uitwerking met glas. Ook hier kwam het ware vakmanschap naar boven. Met alle beschikbare vakkennis werden nieuwe ontwerpen voorgesteld, een collega ROC werd betrokken voor haar expertise en de juiste materialen werden gekozen.

De ‘rivier’ van glas op de tafel is niet zomaar ontstaan, een aantal keren pakte het verwerkingsproces verkeerd uit. Dat kan omdat er wordt gewerkt met natuurlijke stoffen, die elk hun eigen kenmerken hebben. Dat is uitproberen en met kennis en vooral kunde de goede ervaringen vasthouden. Voor het metalen onderstel gold hetzelfde. Het eerste ontwerp kon het gewicht van het hout en het glas niet dragen. Daarom is een andere constructie ontworpen, waarin het gewicht beter wordt verdeeld. Voor het houten paneel was de materiaal keuze van belang. Het is iepenhout geworden dat met de juiste houtverbindingen zo aan elkaar is verbonden dat een groot ovalen blad ontstaat.

Trots op een unieke prestatie en samenwerking
vergadertafel2
Vlak voor de vakantie was het zover. Met vereende kracht werden het stalen onderstel, de houten delen en het zorgvuldig verpakte glas naar de eerste etage van de Bachstraat gebracht, wat gezien het enorme gewicht nog een heel karwei was. Binnen een dag was alles gemonteerd en afgewerkt. Alle vakdocenten en studenten waren uitgenodigd. Iedereen kon uitleg geven over hun eigen aandeel en het vakmanschap dat daarbij nodig was.  Door samenwerking is een bijzondere ‘Rivierenland’ vergadertafel gemaakt, die laat zien wat vakmanschap betekent en waartoe ‘onze’ collega’s en studenten in staat zijn. Het zal u duidelijk zijn dat ik enorm trots ben op deze unieke prestatie.

Passie en ambitie
Toen ik een studente vroeg waarom zij zich in ‘glas’ was gaan verdiepen, zei ze: “Eerst wilde ik politieagent worden, maar op een reis naar Rome zag ik op de vloer van een plein een mozaïek van een brand geschilderd raam. Ik dacht toen: dat wil ik ook kunnen maken!” En met die passie is ze aan haar studie begonnen en is ze haar droom aan het realiseren. Hoe mooi past dat bij onze aandacht voor jouw ambitie!

Ik nodig je graag uit aan deze tafel om – in de geest van de makers – over jouw (passie voor) vakmanschap te praten en te kijken waar wij het vakmanschap van onze ROC’ers kunnen verbinden met dat van jouw bedrijf, instelling en/ of persoon!

Afbeelding

De ‘stond’ van het onderwijs

In april presenteerde het ministerie van OCW het rapport “de Staat van het Onderwijs”. De belangrijkste conclusie uit het rapport (in elk geval de enige die het nieuws haalde) was, dat de verschillen in kansen voor deelnemers de laatste jaren zijn toegenomen. In hoofdlijnen zijn vijf onderwerpen nader uitgewerkt: het niveau van het onderwijs, onderwijskansen, veiligheid en schoolklimaat, passend onderwijs en sturing op kwaliteit.

staatvanhetonderwijsHoge mate van rationaliteit
Wat direct opvalt, is de hoge mate van rationaliteit van de binnen deze onderwerpen behandelde factoren. Veel statistiek, altijd gebaseerd op gemiddelden voor alle scholen, en nogal gericht op prestatiekenmerken.

Gevaar van deze aanpak
Het gevaar van een dergelijke aanpak is tweeërlei.

Op de eerste plaats zal vrijwel geen enkele school zich herkennen in een landelijk gemiddelde, dus de voor de hand liggende vraag is: Wat is de positie van onze school en wat is een logische lokale vervolgactie?

Op de tweede plaats – veel belangrijker in mijn ogen – is de volstrekte eenzijdige kijk op rationele, functionele aspecten vervat in prestatie-indicatoren. Op geen enkele wijze wordt aandacht geschonken aan sociaal emotionele aspecten en contextfactoren, die in elke vorm van onderwijs orde van de dag zijn. De beleving van de docerende professional, de leerervaringen van deelnemers en andere belangrijke aspecten van onderwijs, zoals het voorbereiden van deelnemers op de maatschappij zijn mede bepalend voor de uitkomst van het onderwijsproces.

Gaat het nog wel over kwaliteit?
Het Nederlandse onderwijsniveau was en is hoog, maar het verschil met andere landen wordt steeds kleiner, vermeldt het rapport. Geen wonder, door het accent alleen te leggen op de prestatie-indicatoren, de rationaliteit van het onderwijs, stuur je de professionals – noodgedwongen – in een bepaalde richting. En – als een logisch gevolg daarvan – ga je, of je wilt of niet, sturen waarop je afgerekend wordt.

Zelfs het hoofdstuk over kwaliteit gaat inhoudelijk niet over kwaliteit! Of, ja toch: “er is weinig verbetering in kwaliteit van de lessen omdat leraren onvoldoende in staat zijn om per leerling de juiste lesstof aan te bieden”. Geen wonder, door alle bureaucratie is de lerares/ leraar meer bezig met administratie en verantwoording dan waar hij/zij voor is opgeleid. En dat terwijl een mogelijke oplossing voor het oprapen ligt.

Gebruik de expertise van de professionals
Geef de professional meer zeggenschap over de inrichting en de kwaliteit van de lesstof en betrek hem/haar bij de organisatie van het onderwijs en de daarmee verbonden processen van (sociale) zorg. Gelukkig maken we daar bij ROC Rivor werk van en gebruiken we de expertise van onze vakbekwame professionals. Maak meer, of moet ik zeggen weer, gebruik van het vakmanschap dat de professional kenmerkt. Daarmee wordt de ‘staat’ van het onderwijs snel de ‘stond’ van het onderwijs. Een ware professional zal mij daarbij niet alleen wijzen op de interessante structuuraspecten (de syntax), maar juist ook op de relevante betekenis (de semantiek) van dit speelse taalgebruik. Kijk, dat is wat ik bedoel met vakmanschap.

En daar waar de professional zich verantwoordelijk weet voor de kwaliteit van het onderwijs, komt het met die prestaties vanzelf goed. Het één is een logisch gevolg van het ander, daar ben ik van overtuigd!

—————————
De Staat van het Onderwijs”, hoofdlijnen uit het Onderwijsjaarverslag 2014/2015, Inspectie van het Onderwijs, Nederland

Afbeelding

Kiezen voor kwaliteit bij ROC Rivor in Regio Rivierenland

ROC Rivor scoort hoog in de zojuist verschenen Keuzegids MBO 2016. In de landelijke lijst van de beste MBO’s bezet ROC Rivor een vijfde plaats, wederom het beste ROC van Gelderland. ROC Rivor kiest al jaren bewust voor kwaliteit van onderwijs. Dat betekent niet alleen het kwalificeren van deelnemers, maar ook het socialiseren en vormen van jonge mensen. ROC Rivor, geen enkel ROC overigens, is geen bedrijf, maar een onderwijsinstelling die gericht is op kwaliteit en niet -in eerste instantie– op kwantiteit.

Onderwijs anno 2016 gaat niet alleen over meten
In zijn boek “Het prachtige risico van onderwijs” houdt Gert Biesta een pleidooi voor dit 9200000036607619[1]-ons soort- onderwijs. Wij kunnen onderwijs niet begrijpen als een hard, productie-achtig proces, maar zoals hij dat noemt als een zwak, existentieel proces, waarin andere aspecten dan prestatie-indicatoren een rol spelen. Onderwijs anno 2016 is –als je niet oppast– vooral een kwestie van presteren geworden, een zaak van toetsen, cijfers, output, van volgen en verantwoorden. Ongeacht de manier waarop “de meettechniek” van vorm zal veranderen, van een geheel transparant, meetbaar en planbaar proces met gewilde en gewenste uitkomsten zal nooit sprake zijn. En dat is maar goed ook!

In ons onderwijs ontwikkelen we de wilskracht en keuzeverantwoordelijkheid van alle deelnemers, zodat ze straks op een verantwoorde manier deel kunnen nemen aan de maatschappij. Wij zijn bezig met mensen die een ambitie hebben. En wij helpen om die ambitie waar te maken. Dat vraagt om docenten én staf die de inhoudelijke richting bepalen én de manier waarop die wordt aangeboden. Dat vraagt om het bieden van een perspectief, dat past bij die ambitie en inhoud, een vrijheid in gebondenheid.

Samenwerking in de regio
Met bestaande en nieuwe partners (en dat zijn bedrijven, instellingen en scholen) bespreken we hoe we regionale speerpunten kunnen oppakken en samenwerking en co-creatie praktisch vorm kunnen geven. Er komen steeds meer vragen uit de regio op ons af om samen te werken. ROC Rivor gaat de praktijk georiënteerde vormen van omgekeerd leren verder uitbouwen, de ondernemerszin van studenten wordt verder gestimuleerd en zij krijgen extra bagage mee voor ondernemerschap, bijvoorbeeld met ontwikkeld materiaal voor projectmatig werken in het kleinbedrijf. Er is geïnvesteerd in Rivordiplomaroute en die is duidelijk aangeslagen, komend jaar gaan we deze dienstverlening in meer marktsegmenten inzetten.

Ik ben trots op ons ROC, op de kwaliteit van onderwijs die wij met elkaar bereikt hebben, dat is een prima basis om 2016 vol vertrouwen tegemoet te zien.

Afbeelding

Aandacht voor de leraar

Op de Dag van de Leraar staan we met extra aandacht stil bij de veelzijdige kwaliteiten, die leraren bezitten. Gepassioneerde leraren ofwel professionals, zoals ik die het afgelopen jaar bij ROC Rivor op vele plaatsen in actie heb gezien. Leraren die in staat zijn de omgeving te overtuigen van hun kwaliteiten. Leraren die in staat zijn om mensen te inspireren en te activeren. Die vanuit hun kracht hierover in gesprek gaan met anderen zoals stagebedrijven, opdrachtgevers, maar ook met elkaar en collega’s van het vmbo en hbo.

Invloed op leerprestaties
Praktijklab14Onderzoek heeft aangetoond, dat de leerkracht de meeste invloed heeft op leerprestaties van de student. Meer dan de thuissituatie, de school of de medestudenten. Een belangrijk kenmerk van effectieve leerkrachten is een goede werkrelatie met de studenten en het stellen van uitdagende doelen. Deze doelen leiden tot gerichte, veelzijdige leeractiviteiten met als resultaat betrokkenheid van de leraar en student. Bij ROC Rivor noemen we dat: “aandacht voor jouw ambitie”.

Professionalisering
Aandacht voor jouw ambitieEen leerkracht is alleen in staat zo’n geweldige prestatie te leveren als er ook aandacht is voor de eigen professionalisering. Als ik zie hoeveel leraren binnen ROC Rivor aan professionaliseringsprogramma’s deelnemen, die bovenop hun bestaande taken komen, dan stelt mij dat tot grote tevredenheid. “Een leven lang leren” wordt niet alleen met de mond beleden en in de praktijk gebracht. Er is ook aandacht voor de ambitie van de leerkracht en daar mogen we best een dag per jaar bij stil staan!